Het schoolleven
Woordenschat
- el colegiode school
- el profesorde leraar
- el alumnode leerling
- los debereshet huiswerk
- el examenhet examen
- la notahet cijfer
- la asignaturahet vak
- el horariohet rooster
- la clasede les
- la lecciónde les
- el colegio → de school
- el profesor → de leraar
- el alumno → de leerling
- los deberes → het huiswerk
- el examen → het examen
- la nota → het cijfer
- la asignatura → het vak
- el horario → het rooster
- la clase → de les
- la lección → de les
Tegenwoordige tijd voor dagelijkse routines
In het Spaans gebruik je de presente de indicativo om gewoonten en routines te beschrijven: dingen die je regelmatig doet.
- yo → estudio → aprendo → escribo
- tú → estudias → aprendes → escribes
- él/ella → estudia → aprende → escribe
- nosotros → estudiamos → aprendemos → escribimos
- ellos/ustedes → estudian → aprenden → escriben
Voorbeeld: "Estudio matemáticas todos los días." → "Ik studeer elke dag wiskunde."
Voorbeeld: "Mi profesor explica la lección por la mañana." → "Mijn leraar legt 's ochtends de les uit."
Schoolvakken
Spaanse schoolvakken krijgen vaak een bepaald lidwoord, vooral wanneer je over het vak in het algemeen spreekt:
- las matemáticas — wiskunde
- la historia — geschiedenis
- las ciencias — natuurwetenschappen
- el inglés — Engels
- la educación física — lichamelijke opvoeding
Na estudiar kun je het lidwoord echter meestal weglaten wanneer je zegt welk vak je studeert.
Voorbeeld: "Mi asignatura favorita es la historia." → "Mijn favoriete vak is geschiedenis."
Voorbeeld: "Tenemos clase de ciencias los martes." → "We hebben op dinsdag les in natuurwetenschappen."
Uitdrukkingen
- ¿Qué asignatura tienes hoy?vragen welk vak iemand vandaag heeft
- Tengo examen mañana.zeggen dat je morgen een examen hebt
- El profesor explica muy bien.de uitleg van een leraar complimenteren
- Hago los deberes por la tarde.zeggen wanneer je huiswerk maakt
- He sacado buena nota.zeggen dat je een goed cijfer had
- Mi horario es muy completo.een vol rooster beschrijven
- La clase empieza a las nueve.zeggen wanneer de les begint
- Estudio todos los días.een dagelijkse studiegewoonte uitdrukken
Veelgemaakte fouten
Yo estudio el matemáticas.Yo estudio matemáticas.Bij estudiar laat je het lidwoord meestal weg als je een vak in het algemeen bedoelt.
Tengo deberes mucho.Tengo muchos deberes.Mucho moet overeenkomen met het zelfstandig naamwoord: muchos deberes. Het staat er ook vóór.
Mi nota es muy bueno.Mi nota es muy buena.Nota is vrouwelijk, dus het bijvoeglijk naamwoord is buena, niet bueno.
El clase empieza a nueve.La clase empieza a las nueve.Clase is vrouwelijk: la clase. Bij tijdstippen gebruik je het lidwoord: a las nueve.
Hago mi deberes.Hago mis deberes.Deberes is meervoud, dus ook het bezittelijk voornaamwoord wordt meervoud: mis.
Korte quiz
Vraag 1 van 5
Hoe zeg je «het rooster» in het Spaans?
De echte tutor Spaans woont in de app
Lezen is een begin — Mio is gemaakt om te oefenen. De app voegt alles toe wat het web niet kan:
- Gesprek
Echte gesprekken met je AI-tutor
- Luisteren
Korte verhalen en dialogen met begripsvragen
- Slimme kaarten
Gespreide herhaling die woorden toont net voordat je ze vergeet
- Je coach Mio
Volgt je fouten en bouwt een dagplan rond je zwakke plekken

