🇫🇷 Frans · A1 · Gezondheid en lichaam

Lichaamsdelen

Montréal

Woordenschat

  • la têtehet hoofd
  • les yeuxde ogen
  • le nezde neus
  • la bouchede mond
  • les oreillesde oren
  • le brasde arm
  • la mainde hand
  • la jambehet been
  • le piedde voet
  • le dosde rug
  • le ventrede buik
  • le cœurhet hart

Belangrijke woordenschat over lichaamsdelen:

Lichaamsdelen

"Avoir mal à" — pijn hebben aan

De belangrijkste structuur om pijn uit te drukken: avoir mal à + lichaamsdeel

  • J'ai mal à la tête. — Ik heb hoofdpijn.
  • J'ai mal au ventre. — Ik heb buikpijn.
  • J'ai mal aux pieds. — Mijn voeten doen pijn.

Let op de samentrekkingen:

  • à + le = au: mal au dos
  • à + les = aux: mal aux yeux
  • à + la = à la: mal à la gorge

Lichaamsdelen met lidwoorden

In het Frans gebruik je bij lichaamsdelen met avoir mal bepaalde lidwoorden (geen bezittelijke voornaamwoorden):

  • J'ai mal à la main. (niet ma main)
  • J'ai mal au bras. (niet mon bras)

Gevoelens beschrijven

  • J'ai froid. — Ik heb het koud.
  • J'ai chaud. — Ik heb het warm.
  • J'ai faim. — Ik heb honger.
  • J'ai soif. — Ik heb dorst.
  • Je suis fatigué(e). — Ik ben moe.

Let op: voor veel gevoelens gebruikt het Frans avoir (hebben), waar het Nederlands vaak een andere constructie gebruikt.

Oefen deze veelvoorkomende uitdrukkingen over het lichaam en pijn:

Let op deze veelvoorkomende fouten bij lichaamsdelen:

Lyon

Uitdrukkingen

  • J'ai mal à la têteZeggen dat je hoofdpijn hebt
  • J'ai mal au dosZeggen dat je rug pijn doet
  • J'ai mal aux yeuxZeggen dat je ogen pijn doen
  • Je suis fatigué(e)Zeggen dat je moe bent
  • J'ai froidZeggen dat je het koud hebt
  • J'ai chaudZeggen dat je het warm hebt
  • Je ne me sens pas bienZeggen dat je je niet goed voelt

Veelgemaakte fouten

  • J'ai mal à mon tête
    J'ai mal à la tête

    Gebruik bij avoir mal à bepaalde lidwoorden (la), geen bezittelijke voornaamwoorden (mon).

  • J'ai mal à le dos
    J'ai mal au dos

    À + le trekt samen tot au: au dos.

  • J'ai mal à les pieds
    J'ai mal aux pieds

    À + les trekt samen tot aux: aux pieds.

  • Je suis froid
    J'ai froid

    Gebruik avoir, niet être, voor koud, warm, honger en dorst.

  • J'ai fatigué
    Je suis fatigué

    Fatigué gebruik je met être, niet met avoir: je suis fatigué.

Korte quiz

Vraag 1 van 5

Hoe zeg je «de mond» in het Frans?

Dit is de miniversie

De echte tutor Frans woont in de app

Lezen is een begin — Mio is gemaakt om te oefenen. De app voegt alles toe wat het web niet kan:

  • Gesprek

    Echte gesprekken met je AI-tutor

  • Luisteren

    Korte verhalen en dialogen met begripsvragen

  • Slimme kaarten

    Gespreide herhaling die woorden toont net voordat je ze vergeet

  • Je coach Mio

    Volgt je fouten en bouwt een dagplan rond je zwakke plekken