Problemen op reis
Woordenschat
- persoverloren
- rubatogestolen
- smarritokwijtgeraakt
- ambasciataambassade
- consolatoconsulaat
- assicurazioneverzekering
- denunciaaangifte
- urgentedringend
- risolvereoplossen
- riportareterugbrengen
- il reclamode klacht
- il rimborsode terugbetaling
- smarrirekwijtraken
- l'assicurazionede verzekering
- perso → verloren
- rubato → gestolen
- smarrito → kwijtgeraakt
- ambasciata → ambassade
- consolato → consulaat
- assicurazione → verzekering
- denuncia → aangifte
- urgente → dringend
- risolvere → oplossen
- riportare → terugbrengen
Om problemen tijdens een reis te beschrijven, gebruikt het Italiaans de passato prossimo met belangrijke werkwoorden voor noodgevallen.
Ho perso... (Ik ben ... kwijtgeraakt) + de naam van het verloren voorwerp: Ho perso il passaporto. (Ik ben mijn paspoort kwijtgeraakt.) Ho perso la valigia in aeroporto. (Ik ben mijn koffer op de luchthaven kwijtgeraakt.)
Mi hanno rubato... (Iemand heeft mijn ... gestolen) + het gestolen voorwerp: Mi hanno rubato il portafoglio. (Iemand heeft mijn portemonnee gestolen.) Mi hanno rubato lo zaino sul treno. (Iemand heeft mijn rugzak in de trein gestolen.)
Ho smarrito... (Ik ben ... kwijtgeraakt) is formeler en wordt gebruikt in officiële aangiften: Ho smarrito i documenti. (Ik ben mijn documenten kwijtgeraakt.)
De passato prossimo wordt gevormd met avere of essere + het voltooid deelwoord: perdere → perso / rubare → rubato / smarrire → smarrito
- Mi hanno rubato il passaporto. → Mijn paspoort is gestolen.
- Ho perso la valigia in aeroporto. → Ik ben mijn koffer op de luchthaven kwijtgeraakt.
- Devo fare la denuncia. → Ik moet aangifte doen.
- Posso contattare il consolato? → Kan ik contact opnemen met het consulaat?
- È una situazione urgente. → Het is een dringende situatie.
- Fout: Ho rubato il portafoglio.
Correct: Mi hanno rubato il portafoglio. → Ho rubato betekent "ik heb gestolen". Om te zeggen dat jij het slachtoffer bent, gebruik je mi hanno rubato.
- Fout: Ho perso il passaporto mio.
Correct: Ho perso il mio passaporto. → In het Italiaans staat het bezittelijk bijvoeglijk naamwoord vóór het zelfstandig naamwoord, niet erna.
- Fout: Devo fare una denuncia urgente alla polizia domani.
Beter: Devo fare subito la denuncia alla polizia. → Gebruik in een noodgeval subito (meteen), niet domani (morgen).
Uitdrukkingen
- Mi hanno rubato il passaporto.Een paspoortdiefstal melden
- Ho perso la valigia in aeroporto.Melden dat je koffer kwijt is
- Devo fare la denuncia.Aangeven dat je aangifte moet doen
- Posso contattare il consolato?Vragen om contact met het consulaat
- È una situazione urgente.De dringendheid van een probleem benadrukken
- Ho perso il bagaglio.Melden dat je bagage kwijt is
- Vorrei fare un reclamo.Zeggen dat je een klacht wilt indienen
- Può aiutarmi, per favore?Beleefd om hulp vragen
Veelgemaakte fouten
Ho rubato il portafoglio.Mi hanno rubato il portafoglio.Ho rubato betekent dat jij hebt gestolen; gebruik mi hanno rubato als jij het slachtoffer bent.
Ho perso il passaporto mio.Ho perso il mio passaporto.In het Italiaans staat het bezittelijk bijvoeglijk naamwoord vóór het zelfstandig naamwoord.
Il treno ha ritardato.Il treno è in ritardo.Zeg essere in ritardo, niet avere ritardato.
Mia valigia è rotto.La mia valigia è rotta.Valigia heeft lidwoord la nodig en het bijvoeglijk naamwoord is vrouwelijk: rotta.
Korte quiz
Vraag 1 van 5
Hoe zeg je «verloren» in het Italiaans?
De echte tutor Italiaans woont in de app
Lezen is een begin — Mio is gemaakt om te oefenen. De app voegt alles toe wat het web niet kan:
- Gesprek
Echte gesprekken met je AI-tutor
- Luisteren
Korte verhalen en dialogen met begripsvragen
- Slimme kaarten
Gespreide herhaling die woorden toont net voordat je ze vergeet
- Je coach Mio
Volgt je fouten en bouwt een dagplan rond je zwakke plekken

