Een afspraak maken
Woordenschat
- der Terminde afspraak
- vereinbarenafspreken
- absagenafzeggen
- verschiebenverzetten
- bestätigenbevestigen
- freivrij/beschikbaar
- besetztbezet
- der Kalenderde agenda
- die Uhrzeithet tijdstip
- der Wochentagde dag van de week
- passenuitkomen
- vorschlagenvoorstellen
Woordenschat voor het maken van afspraken in het Duits
Dagen, tijden en Ist... frei?
Om afspraken te maken in het Duits, moet je dagen en tijden goed beheersen.
Dagen van de week:
- Montag, Dienstag, Mittwoch, Donnerstag, Freitag, Samstag, Sonntag
Voor een specifieke dag gebruik je am + dag:
- Am Montag habe ich Zeit. (Maandag heb ik tijd.)
- Am Freitag bin ich frei. (Vrijdag ben ik vrij.)
Vragen naar beschikbaarheid:
- Ist Montag frei? (Is maandag beschikbaar?)
- Haben Sie am Dienstag einen Termin frei? (Hebt u dinsdag nog een vrij tijdstip?)
- Passt Ihnen 10 Uhr? (Komt 10 uur u uit?)
Voorstellen en reageren:
- Wie wäre es mit Donnerstag um 15 Uhr? (Wat dacht je van donderdag om 15 uur?)
- Das passt mir gut. (Dat komt mij goed uit.)
- Das passt mir leider nicht. (Dat komt mij helaas niet uit.)
Bevestigen of annuleren:
- Ich bestätige den Termin. (Ik bevestig de afspraak.)
- Ich muss den Termin leider absagen. (Ik moet de afspraak helaas afzeggen.)
- Können wir den Termin verschieben? (Kunnen we de afspraak verzetten?)
Uitdrukkingen
- Ich möchte einen Termin vereinbaren.Ik wil graag een afspraak maken.
- Haben Sie nächste Woche noch etwas frei?Hebt u volgende week nog iets vrij?
- Passt Ihnen Mittwoch um 14 Uhr?Komt woensdag om 14 uur u uit?
- Leider muss ich den Termin absagen.Helaas moet ik de afspraak afzeggen.
- Können wir auf Freitag verschieben?Kunnen we de afspraak naar vrijdag verzetten?
- Bis Montag dann!Tot maandag dan!
- Ich komme um 10 Uhr.Ik kom om 10 uur.
Veelgemaakte fouten
Am Montag ich habe Zeit.Am Montag habe ich Zeit.Staat een tijdsbepaling vooraan, dan blijft het werkwoord op de tweede plaats: Am Montag habe ich...
Passt es dir um Montag?Passt es dir am Montag?Voor dagen gebruik je am (= an dem), niet um.
Ich möchte ein Termin machen.Ich möchte einen Termin machen.Termin is mannelijk, dus het lijdend voorwerp vraagt om einen, niet ein.
Können wir den Termin zu Freitag verschieben?Können wir den Termin auf Freitag verschieben?Verschieben krijgt auf + accusatief: auf Freitag, niet zu Freitag.
Bis dann Montag!Bis Montag dann!De juiste woordvolgorde is: Bis Montag dann! (Tot maandag dan!)
Korte quiz
Vraag 1 van 5
Hoe zeg je «de dag van de week» in het Duits?
De echte tutor Duits woont in de app
Lezen is een begin — Mio is gemaakt om te oefenen. De app voegt alles toe wat het web niet kan:
- Gesprek
Echte gesprekken met je AI-tutor
- Luisteren
Korte verhalen en dialogen met begripsvragen
- Slimme kaarten
Gespreide herhaling die woorden toont net voordat je ze vergeet
- Je coach Mio
Volgt je fouten en bouwt een dagplan rond je zwakke plekken

