Wat deed je gisteren?
Woordenschat
- yesterdaygisteren
- last weekvorige week
- watchedik keek
- playedik speelde
- workedik werkte
- cleanedik maakte schoon
- cookedik kookte
- calledik belde
- walkedik liep
- stayedik bleef
- visitedik bezocht
- studiedik studeerde
- shoppedik deed boodschappen
- restedik rustte uit
De simple past in het Engels (regelmatige werkwoorden)
In het Engels eindigen regelmatige werkwoorden in de verleden tijd allemaal op -ed. Er is één vorm voor alle personen — geen ingewikkelde vervoegingen!
- I worked → ik werkte
- She watched → zij keek
- They played → zij speelden
💬 Voorbeeld: "I watched a film yesterday." → "Ik keek gisteren naar een film."
De ontkennende vorm
Om te zeggen dat je iets NIET hebt gedaan, gebruik je didn't (= did not) + het werkwoord in de basisvorm:
- I didn't work → ik werkte niet
- She didn't cook → zij kookte niet
💬 Voorbeeld: "I didn't stay at home last weekend." → "Ik bleef vorig weekend niet thuis."
Vragen in de verleden tijd
Om een vraag te stellen, zet je Did aan het begin:
- Did you work? → Werkte je?
- Did she call? → Belde zij?
💬 Voorbeeld: "Did you watch the match yesterday?" → "Keek je gisteren naar de wedstrijd?"
Handige tijdsaanduidingen
- yesterday → gisteren
- last week → vorige week
- last night → gisteravond
- two days ago → twee dagen geleden
Uitdrukkingen
- What did you do?Vragen wat iemand deed
- Did you have a good time?Vragen of iemand het leuk had
- I had a great timeZeggen dat je het erg leuk had
- I didn't do muchZeggen dat je weinig deed
- I was at home all dayZeggen waar je was
- It was so much fun!Zeggen dat je iets geweldig vond
- I went out with friendsZeggen dat je uitging met vrienden
- Nothing special, just relaxedZeggen dat je niets bijzonders deed
Veelgemaakte fouten
I did not watched TVI did not watch TVNa did not blijft het werkwoord in de basisvorm, zonder -ed.
Yesterday I have workedYesterday I workedMet "yesterday" gebruik je de simple past, niet de present perfect.
Did you watched the film?Did you watch the film?Na did staat het werkwoord altijd in de basisvorm.
I worked last night in homeI stayed at home last nightJe zegt "at home", niet "in home"; gebruik "stayed" voor ergens blijven.
What you did yesterday?What did you do yesterday?Vragen in de verleden tijd gebruiken "did" + onderwerp + basisvorm.
I goed to the shopI went to the shop"Go" heeft een onregelmatige verleden tijd: "went", niet "goed".
Korte quiz
Vraag 1 van 5
Hoe zeg je «ik bezocht» in het Engels?
De echte tutor Engels woont in de app
Lezen is een begin — Mio is gemaakt om te oefenen. De app voegt alles toe wat het web niet kan:
- Gesprek
Echte gesprekken met je AI-tutor
- Luisteren
Korte verhalen en dialogen met begripsvragen
- Slimme kaarten
Gespreide herhaling die woorden toont net voordat je ze vergeet
- Je coach Mio
Volgt je fouten en bouwt een dagplan rond je zwakke plekken

