Mijn dagelijkse routine
Woordenschat
- wake upwakker worden
- get upopstaan
- have breakfastontbijten
- go to worknaar het werk gaan
- have lunchlunchen
- come homethuiskomen
- have dinneravondeten
- go to bednaar bed gaan
- sleepslapen
- take a showerdouchen
- brush my teethmijn tanden poetsen
- morningochtend
- afternoonmiddag
- eveningavond
- nightnacht
- wake up → wakker worden
- get up → opstaan
- have breakfast → ontbijten
- go to work → naar het werk gaan
- have lunch → lunchen
- come home → thuiskomen
- have dinner → avondeten
- go to bed → naar bed gaan
- sleep → slapen
- take a shower → douchen
- brush my teeth → mijn tanden poetsen
- morning → ochtend
- afternoon → middag
- evening → avond
- night → nacht
Grammatica
De present simple
De present simple gebruik je om gewoontes, routines en dingen die altijd waar zijn te beschrijven. Dit is de tijd die je het vaakst gebruikt om over je dagelijks leven te praten.
Het goede nieuws: bij de meeste personen verandert het werkwoord niet. De enige uitzondering is he / she / it: daarbij voeg je -s toe aan het einde van het werkwoord.
Voorbeeld: "I wake up at 7." = „Ik word om 7 uur wakker.”
Voorbeeld: "She wakes up at 8." = „Zij wordt om 8 uur wakker.”
Voorbeeld: "We go to work at 9." = „Wij gaan om 9 uur naar het werk.”
Voor de ontkennende vorm gebruik je don't (of doesn't bij he/she/it):
Voorbeeld: "I don't eat breakfast." = „Ik ontbijt niet.”
Voorbeeld: "He doesn't work on Saturday." = „Hij werkt niet op zaterdag.”
Bijwoorden van frequentie
Deze woorden geven aan hoe vaak je iets doet. Ze staan vóór het hoofdwerkwoord, maar na „to be”.
- always (altijd) - 100%
- usually (meestal) - 80%
- often (vaak) - 60%
- sometimes (soms) - 40%
- rarely (zelden) - 10%
- never (nooit) - 0%
Voorbeeld: "I always have breakfast." = „Ik ontbijt altijd.”
Voorbeeld: "She never goes to bed late." = „Zij gaat nooit laat naar bed.”
Voorbeeld: "I am usually tired in the evening." = „Ik ben 's avonds meestal moe.” (na „to be”)
- What time do you...? → Om te vragen hoe laat iemand iets doet
- I usually... → Om te beschrijven wat je meestal doet
- First... then... after that... → Om je routine in volgorde te vertellen
- In the morning / afternoon / evening → Om het moment van de dag te noemen
- At night → Om te praten over wat er 's nachts gebeurt
- On weekdays / At the weekend → Om weekdagen en het weekend te onderscheiden
- Every day → Om „elke dag” te zeggen
She wake up at 7.→ She wakes up at 7.- Bij he/she/it voeg je -s toe aan het werkwoord.
I go always to work.→ I always go to work.- Het bijwoord van frequentie staat vóór het werkwoord.
I don't breakfast.→ I don't have breakfast.- Je hebt een werkwoord nodig: "have breakfast" betekent ontbijten.
He doesn't works.→ He doesn't work.- Na "doesn't" staat het werkwoord in de basisvorm, zonder -s.
I have shower.→ I take a shower.- In het Engels zeg je "take a shower", niet „have shower”.
I sleep at 11.→ I go to bed at 11.- "Sleep" betekent slapen; "go to bed" betekent op een bepaald tijdstip naar bed gaan.
Uitdrukkingen
- What time do you...?Vragen hoe laat iemand iets doet
- I usually...Een gewoonte beschrijven
- First... then... after that...In volgorde vertellen
- In the morning / afternoon / eveningHet moment aangeven
- At night's Nachts
- On weekdays / At the weekendWeekdagen versus weekend
- Every dayElke dag
Veelgemaakte fouten
She wake up at 7.She wakes up at 7.Bij he/she/it voeg je -s toe aan het werkwoord.
I go always to work.I always go to work.Het bijwoord van frequentie staat vóór het werkwoord.
I don't breakfast.I don't have breakfast.Je hebt een werkwoord nodig: have breakfast = ontbijten.
He doesn't works.He doesn't work.Na doesn't staat het werkwoord in de basisvorm.
I have shower.I take a shower.Je zegt take a shower, niet „have shower”.
I sleep at 11.I go to bed at 11.Sleep is slapen; go to bed is naar bed gaan.
Korte quiz
Vraag 1 van 5
Hoe zeg je «opstaan» in het Engels?
De echte tutor Engels woont in de app
Lezen is een begin — Mio is gemaakt om te oefenen. De app voegt alles toe wat het web niet kan:
- Gesprek
Echte gesprekken met je AI-tutor
- Luisteren
Korte verhalen en dialogen met begripsvragen
- Slimme kaarten
Gespreide herhaling die woorden toont net voordat je ze vergeet
- Je coach Mio
Volgt je fouten en bouwt een dagplan rond je zwakke plekken

